Op 23 juni 2026 vond in de Tweede Kamer een debat plaats over infrastructuurfinanciering. Partijen van links tot rechts waren het eens dat er meer geld nodig is, maar bereikten geen overeenstemming over de financieringsbron.
In het debat pleitten Kamerleden van uiteenlopende politieke stromingen voor meer investeringen in infrastructuur. De voorgestelde manieren om dit te bekostigen liepen sterk uiteen, van belastingverhogingen en leningen tot herschikking van bestaande begrotingsposten, zonder dat er een gezamenlijk plan werd gevonden.
Het uitblijven van een akkoord over de financiering betekent dat de kwestie onopgelost blijft, wat noodzakelijke verbeteringen aan wegen, spoorlijnen en andere voorzieningen mogelijk vertraagt. Het debat legde diepe verdeeldheid bloot, ondanks brede overeenstemming over het onderliggende probleem.
