Op 23 juli 2026 berichtten media over een terugkerend thema in de Tour de France: etappeoverwinningen worden vaak verklaard doordat renners die dag 'goede benen' hadden. Het concept heeft discussie aangewakkerd over de vraag of dergelijke prestaties puur toeval zijn of het resultaat van bewuste voorbereiding en vorm.

Volgens de berichten worden de dagelijkse etappe-uitslagen in de race regelmatig bepaald door of een wielrenner het gevoel heeft sterke benen te hebben. Renners schrijven hun succes vaak toe aan een bijzonder krachtig gevoel, terwijl nederlagen worden geweten aan 'slechte benen'. Dit taalgebruik is gangbaar onder profwielrenners, maar de betekenis en implicaties ervan worden zelden diepgaand onderzocht.

Analisten en commentatoren vragen zich af of het verschil tussen een winnende en een verliezende prestatie werkelijk willekeurig is, of dat het onderliggende factoren weerspiegelt zoals training, voeding, herstel of zelfs tactische beslissingen. De uitdrukking 'goede benen' kan de complexe fysiologische en psychologische variabelen die de race-uitslagen beïnvloeden te simpel voorstellen.

Het fenomeen werd opnieuw benadrukt tijdens de Tour van 2026, toen een volgende etappewinnaar zijn overwinning beschreef als komend op een dag dat zijn benen uitzonderlijk aanvoelden. Dit heeft de discussie over de rol van geluk versus voorbereiding in de wielersport weer aangewakkerd.