Premier Rob Jetten zal naar verwachting zondag in Rotterdam aanwezig zijn bij de onthulling van een nationaal monument voor de Molukse gemeenschap en namens de regering excuses aanbieden voor de hardvochtige behandeling van Molukkers in het verleden. De excuses komen na jarenlange roep om erkenning van het leed van ongeveer 12.500 Molukkers, onder wie KNIL-militairen en hun gezinnen, die na de Indonesische onafhankelijkheid in 1949 naar Nederland werden gehaald.
Na de soevereiniteitsoverdracht werden Molukkers tijdelijk ondergebracht in onder meer de voormalige concentratiekampen Vught en Westerbork, kazernes en kastelen, met de belofte van een spoedige terugkeer naar de Molukken. De Indonesische regering verbood die terugkeer echter, waardoor zij in een onzekere positie in Nederland belandden.
De journalist Tonny van der Mee, kleinzoon van een Molukse KNIL-soldaat, publiceerde voorafgaand aan de herdenking een open brief aan premier Jetten, waarin hij aandringt op oprechte excuses die niet slechts holle frasen zijn. Hij benadrukt het belang van daadwerkelijke erkenning van het leed en de gebroken beloftes.
Het monument in Rotterdam is bedoeld om de geschiedenis en veerkracht van de Molukse gemeenschap te herdenken. De verwachte excuses vormen een belangrijke stap in het adresseren van een langdurig historisch onrecht.



