Minister van Infrastructuur Karremans (VVD) onderzoekt de mogelijkheid om de tussentijdse toets verplicht te stellen, om het lage slagingspercentage voor praktijkexamens te verbeteren. De rijschoolbranche waarschuwt dat deze maatregel de kosten voor leerlingen verder kan opdrijven.
Momenteel slaagt minder dan de helft van de kandidaten voor het praktijkexamen, en ligt bij een kwart van de rijscholen het slagingspercentage onder de 40 procent, aldus de minister. Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) meldt dat nu slechts ongeveer de helft van de kandidaten een tussentijdse toets doet.
De eerste concrete veranderingen worden verwacht vanaf 2029, maar het is nog onduidelijk wie de verplichte toets gaat uitvoeren. Dat kan het CBR worden, maar ook (deels) de rijscholen. Minister Karremens wil ook makkelijker kunnen ingrijpen bij slecht presterende rijscholen.
Het CBR koos er tussen 1 april 2025 en 1 april 2026 bewust voor om geen tussentijdse toetsen af te nemen vanwege te lange wachttijden voor praktijkexamens, die opliepen tot tien tot vijftien weken. Inmiddels zijn de wachttijden gedaald tot onder de zeven weken. Rijinstructeur Irene van Drongelen is voorstander van de verplichte toets, maar waarschuwt voor 'cowboypraktijken'.






