Kringloopvrijwilliger Co van Doorne ontdekte op 15 juli 2026 maar liefst veertien vuilniszakken met stro en konijnenpoep tussen de kledingdonaties. De vondst werd gedaan op een onbekende locatie.
Van Doorne vertelde dat ze een vieze lucht rook en al snel de oorzaak vond: de zakken waren verstopt tussen de shirts en broeken. Ze meldde dat donoren ook slachtafval, vieze luiers en volle oliepannen hebben achtergelaten.
“We zijn toch geen vuilnisbelt?” zei van Doorne, gefrustreerd over de ongepaste donaties. Ze riep op om alleen schone, herbruikbare spullen naar de kringloop te brengen.






